Canadees onderzoek: '97% blijft trans' — critici vinden de meetperiode te kort
Een Canadese studie onder 445 jongeren van vier genderklinieken vond dat 2,9 procent na een mediane follow-up van 2,4 jaar terugkeerde naar een identiteit die past bij het geboortegeslacht. Critici wijzen in de National Post op de korte follow-up en op een onderzoeksgroep uit 2012-2017.

Een Canadese studie die in juni 2026 verscheen in de Journal of Adolescent Health, concludeert dat bijna alle jongeren die naar een gespecialiseerde genderkliniek worden verwezen, zich in de jaren daarna blijven identificeren met een gender dat niet past bij hun geboortegeslacht. Het cijfer is 97,1 procent. Journalist Sharon Kirkey legde de studie voor de National Post voor aan critici, en die zetten kanttekeningen bij wat het cijfer zegt.
Wat de studie precies onderzocht
De auteurs zijn verbonden aan onder meer de University of British Columbia, Dalhousie University, de University of Calgary, Vancouver General Hospital en het CHEO Research Institute in Ottawa. Zij bekeken achteraf de medische dossiers van 445 jongeren die tussen 2012 en 2017 met genderdysforie waren verwezen naar vier Canadese genderklinieken voor kinderen en jongeren. Van hen was 74,4 procent bij de geboorte als meisje geregistreerd. De mediane follow-up was 2,4 jaar, met een interkwartielafstand van 1,1 tot 7,2 jaar (bron).
In totaal hielden 421 jongeren (94,6 procent) vast aan de genderidentiteit waarmee zij zich hadden gemeld, of gingen zij zich non-binair noemen. Dertien jongeren (2,9 procent) keerden terug naar een identiteit die past bij het geboortegeslacht; zo komen de auteurs op 97,1 procent. Geen van de negentien jongeren die zich bij verwijzing non-binair noemden, keerde terug naar het binaire gender dat bij het geboortegeslacht hoort. Van alle jongeren startten er 353 (79,3 procent) met hormonen; vier van hen (1,1 procent) stopten daar weer mee. De auteurs schrijven dat genderidentiteit bij jongeren binnen een klinische setting met uitgebreide psychosociale beoordeling zeer stabiel is.
Een follow-up die te kort duurt
De kritiek in het artikel komt vooral van Laura Targownik, arts-onderzoeker en hoogleraar geneeskunde aan de University of Toronto. Volgens de critici is de follow-up te kort om vast te stellen hoeveel jongeren werkelijk detransitioneren. Targownik zegt, vertaald: ‘Ik verwacht niet dat het detransitiecijfer bij een mediaan van twee jaar erg hoog zal zijn, maar als je deze patiënten vijf of tien jaar volgt, krijg je misschien een duidelijker beeld.’ De National Post schrijft dat uit ander onderzoek blijkt dat mensen die detransitioneren dat gemiddeld na vijf tot zeven jaar doen. Door de opzet van de studie kunnen de auteurs bovendien niet zeggen hoe het de jongeren verging nadat zij naar de zorg voor volwassenen waren overgegaan (bron).
Een groep uit een andere periode
Een tweede punt betreft de onderzoeksgroep. De jongeren werden tussen 2012 en 2017 verwezen. Volgens de auteurs van de studie is het aantal kinderen en tieners dat in Canada en de Verenigde Staten genderzorg zoekt tussen 2017 en 2020 bijna verdrievoudigd. De National Post schrijft dat artsen nu vooral jongeren zien die als meisje geboren zijn, van wie velen ook complexe psychische problemen hebben en velen zich non-binair noemen. Targownik, vertaald: ‘Het is een open vraag of het detransitiecijfer van iemand die in 2012 aan zijn transitie begon, hetzelfde zal zijn als van iemand die in 2020 of 2022 begon.’
Wie niet is meegeteld
Alle 445 jongeren werden gevolgd in gespecialiseerde klinieken. De auteurs merken zelf op dat jongeren die elders zorg zochten, jongeren die geen medische behandeling zochten en jongeren zonder steun van hun ouders niet in de studie zitten. Ook kan een dossieronderzoek volgens hen gegevens missen, zoals sociale en psychologische factoren die behandelbeslissingen beïnvloeden. De genderidentiteit is vastgesteld op basis van wat de jongere of de ouder meldde. Targownik mist daarnaast gegevens over de psychische gezondheid: of de jongeren bij een psychiater kwamen of voor psychische problemen werden opgenomen, staat niet in de studie.
Wat de onderzoekers antwoorden
Hoofdonderzoeker Margaret Lawson van het CHEO Research Institute zegt in de National Post dat de methode van de studie zeer degelijk is en dat detransitie volgens haar ook na tien jaar of langer zeer onwaarschijnlijk is. Targownik noemt het zelf enigszins geruststellend dat de meeste jongeren die hormonen kregen, die bleven gebruiken. Zij steunt het recht van kinderen en ouders op toegang tot deze zorg en vindt het belangrijk dat kritiek niet alleen van tegenstanders komt.
Wat dit voor ouders betekent
Een cijfer als ‘97 procent blijft trans’ oogt overtuigend, maar het gaat over een bepaalde groep jongeren, gemeten over een mediane periode van 2,4 jaar en alleen zolang zij bij de kinderkliniek in beeld waren. Dat maakt de studie niet waardeloos. Het betekent wel dat dit ene onderzoek geen definitief antwoord geeft op de vraag hoe stabiel een genderidentiteit bij jongeren op de lange termijn is.
Nienke Vogelaar
Redactie
Veelgestelde vragen
Bron
Twijfel je of wil je overleggen?
Je hoeft dit niet alleen te doen. Bekijk waar je terechtkunt voor steun en lotgenoten.
Naar hulp & steun →