Medische feiten

Testosteron en oestrogeen: de onomkeerbare effecten

Cross-sekse hormonen veranderen het lichaam deels blijvend. Wat testosteron en oestrogeen doen, en wat niet meer terug te draaien is.

Testosteron en oestrogeen: de onomkeerbare effecten

Na puberteitsremmers volgt meestal de volgende stap: cross-sekse hormonen. Volgens de Gezondheidsraad gaat in de praktijk meer dan 90 procent van de jongeren die remmers krijgen daarna door met hormonen (bron). Anders dan bij remmers zijn de effecten hiervan deels onomkeerbaar: de richtlijn van de Endocrine Society spreekt in het Engels van een "partially irreversible treatment" (bron). Voor ouders is het belangrijk om te weten wat precies verandert — en wat niet meer terugkomt.

Wat doet testosteron bij een meisje?

Testosteron zorgt voor een lagere stem, meer lichaams- en gezichtsbeharing, groei van de clitoris en het stoppen van de menstruatie. Volgens de internationale richtlijn van WPATH beginnen de stemverlaging, de clitorisgroei en het uitblijven van de menstruatie binnen één tot zes maanden en de haargroei na zes tot twaalf maanden (bron). De stemverlaging is blijvend: ook als je kind later stopt, keert de oude stem niet terug (bron). Ook de gezichtsbeharing en de groei van de genitaliën blijven volgens de WPATH-richtlijn; de lichaamsbeharing kan na het stoppen weer afnemen en de menstruatie kan terugkeren (bron). Over de effecten op de vruchtbaarheid is volgens de Gezondheidsraad nog veel onduidelijk (bron). Voor het hart- en vaatstelsel beschrijft de NICE-review één studie waarin bij jongvolwassenen van 22 jaar die als tiener met hormonen waren begonnen de bloeddruk en het BMI significant waren gestegen, en bij wie testosteron gebruikte ook het vetprofiel in het bloed was verslechterd; studies naar hart- en vaatziekten op langere termijn zijn volgens NICE nog nodig (bron).

Wat doet oestrogeen bij een jongen?

Oestrogeen (vaak met een testosteronremmer) geeft borstvorming, een zachtere huid, minder spiermassa en een andere vetverdeling (bron). De borstgroei is onomkeerbaar; de veranderde vetverdeling is dat niet (bron). Oestrogeen en testosteronremmers onderdrukken bij de meeste gebruikers de aanmaak van zaadcellen; over de vruchtbaarheid daarna bestaan volgens de WPATH-richtlijn grote kennislacunes en de bevindingen zijn niet eenduidig (bron). De botdichtheid daalt tijdens het gebruik van puberteitsremmers; na de start met hormonen treedt herstel op, maar dat lijkt bij trans meisjes niet altijd volledig, en de gevolgen op lange termijn voor botontkalking en botbreuken zijn onzeker (bron). De WPATH-richtlijn meldt dat bevolkingsstudies meer hart- en vaatziekten en trombose laten zien bij mensen die oestrogeen gebruiken, vooral bij ouderen (bron). De Gezondheidsraad noemt daarnaast twee recente studies waarin hormoonbehandeling niet samenhing met een hoger risico op trombose (bron).

Meestal een levenslange behandeling

Cross-sekse hormonen zijn geen kuur. De meeste trans personen blijven volgens de Gezondheidsraad levenslang geslachtshormonen gebruiken, tenzij zij willen stoppen; tijdens de behandeling komt een jongere elke drie tot zes maanden op controle bij de kinderendocrinoloog (bron). Stoppen is niet zonder gevolgen: volgens de WPATH-richtlijn kan het tot botverlies leiden, en gebeurt dat zeker als de geslachtsklieren zijn verwijderd (bron). In Nederland kan de hormoonbehandeling starten vanaf 15 à 16 jaar. In het algemeen geldt een leeftijdsgrens van 16 jaar; een jongere van 15 komt alleen in specifieke gevallen in aanmerking (bron). Je kind neemt dan een beslissing die het hele volwassen leven meegaat.

Hoe hard is het bewijs voor de voordelen?

De NICE-review uit 2020 vond tien observationele studies, waarvan geen enkele hormonen met een controlegroep vergeleek. De resultaten wijzen erop dat hormonen de genderdysforie waarschijnlijk verminderen en mogelijk ook depressie, angst en kwaliteit van leven verbeteren, maar NICE beoordeelde de zekerheid van al dat bewijs als zeer laag en noemt de veiligheid op lange termijn grotendeels onbekend (bron). Een systematische review van Taylor en collega's uit 2024 beoordeelde 53 studies: één van hoge, 33 van matige en 19 van lage kwaliteit. De conclusie: onderzoek van hoge kwaliteit ontbreekt; bewijs van matige kwaliteit suggereert dat de mentale gezondheid tijdens de behandeling kan verbeteren, en voor andere uitkomsten zijn geen conclusies te trekken (bron). De Gezondheidsraad noemde de bewijskracht in 2026 eveneens laag, maar zag daarin geen aanleiding om te adviseren de zorg anders in te richten (bron). Dat betekent niet dat niemand baat heeft, maar wel dat de zekerheid die soms wordt gesuggereerd, er niet is. Weeg dat mee bij een deels onomkeerbaar besluit.

Wat kun je als ouder doen?

Vraag om een eerlijk gesprek over onomkeerbaarheid, vruchtbaarheid en het uitsluiten van andere oorzaken. Bekijk ook welke operatieve ingrepen soms volgen, en lees over detransitie en spijt. Een overzicht van risico's per behandeling staat op Transkompas en Genderzorgen.

Het medische dossier over puberteitsremmers — werking, risico's en de internationale heroverweging — staat op puberteitsremmers.nl.

Veelgestelde vragen

Twijfel je of wil je overleggen?

Je hoeft dit niet alleen te doen. Bekijk waar je terechtkunt voor steun en lotgenoten.

Naar hulp & steun →